Bedenkingen, LifeLog, Sport

Ah, Club Brugge is kampioen.

Ik dacht dat ik toch even ging vieren, zo net na de titel van Club Brugge in de Belgische Jupiler pro league. Ik ben, zoals de meesten wel weten, een Club Brugge supporter van het eerste uur. Sinds eind de jaren 70 ging ik tot mid de jaren 2000 regelmatig tot bijna altijd kijken naar Blauw Zwart. Af en toe ga ik nog wel eens naar een wedstrijd in Jan Breydel gaan kijken maar de  laatste 14 jaar zat ik zo goed als bijna altijd aan het tv scherm gekluisterd om naar de wedstrijd van mijn favoriete ploeg te kijken. Er mag dan gelijk welk feest zijn waar we op uitgenodigd zijn, ik wil de wedstrijd van Club zien.

Dit jaar was het niet anders. En elke wedstrijd van de Play Offs zat ik vol spanning, meestal alleen in de zetel, te kijken naar de wedstrijd. En hoewel Club telkens een degelijk niveau haalde, de punten bleven grotendeels achterwege. De gehalveerde puntenkloof die van 12 naar 6 punten terug gebracht werd, kwam even in gevaar. Zeker toen er op zondag 06-05-18 thuis verloren werd van eeuwig rivaal Anderlekt vreesde ik even voor een nieuwe titel. Ook Standard kwam terug aan het venster piepen of er geen plaats was op de eerste podiumplaats. Standard, de ploeg waar niemand nog rekening mee hield aan het begin van deze play offs. Zelfs niet toen ze in extremis nog een goal maakten in Jan Breydel en het zo 4-4 werd.

Donderdag, de wedstrijd in en tegen Charleroi zou ik mogelijks niet kunnen volgen. We gaan dan immers met een deel van de familie naar Europapark in Duitsland. Maar dankzij mijn abonnement bij telenet Play sport zou ik, indien er wifi op de camping is, toch kunnen volgen. Er was wifi, maar die was niet echt stabiel. Eerder die dag had ik met horten en stoten kunnen zien hoe Standard in Brussel ging winnen.  Standard stond plots op 1 punt van Club. Er diende dus maar beter gewonnen te worden in Charleroi gezien de volgende wedstrijd van Club in Luik, tegen Standard is.

Op zoek naar de beste ontvangst liep ik die donderdagavond de camping rond. Ik zag het 1-0 worden via een strafschop. Zo rond minuut zeventig in de wedstrijd diende ik toch even naar het toilet te gaan. De wifi viel echter weg en eer ik terug beeld had stond het 1-1. Ik slaakte een kleine zucht. Maar die zucht bleek te hard geweest te zijn want de wifi was weer weg. Te hard geblazen? Ik ademde diep en dacht, what the… En daar was de wifi terug en stond het gelijk 1-2. En nauwelijks een minuut later zag ik dan Jelle de 1-3 maken. Ik balde de vuist en riep ten midden van een paar tientallen campeerders ‘YES’. ‘Yeeees’; En dan ‘Jaaaah’. ‘Jaaaah Bitte Ein zu drei’. Menig campeerder keek op en ik toonde mijn telefoon ‘Bruuge! Ein zu Drei!’

Ik stapte met een smile terug naar de caravan waar de andere familieleden zich bevonden. Ik wou dat met een bedrukt gezicht doen, net zoals ik deed toen het 1-0 stond, maar dat lukte mij niet. De komende dagen zouden echt wel top worden, daar in het pretpark. Want bij een nederlaag van Club kan ik soms wel even minder aangenaam zijn. Hoe hard ik ook mijn best doe om dat van mij af te zetten, het lukt niet altijd. Tegen schoonbroer Giovanni zei ik dat de komende dagen top zouden worden. Club won, de zon was beginnen schijnen  en zou dat de komende 2 dagen in volle glorie doen en de Silver Star lachte vanuit zijn vaste standplaats naar ons op de camping.

En zo werd het zondag. Die nacht passeerde een onweer over de camping. Alweer had ik nauwelijks een paar uur geslapen. We vertrokken omstreeks 08u30 vanop de camping naar huis. Daar zouden we tegen 14u aankomen. Het was moederdag dus ik had graag nog eens bij mijn Mama gepasseerd om dan vervolgens de 2 grootste kinderen even langs te laten gaan bij hun Mama. Een onbegrijpelijke file voor onzichtbare wegenwerken nabij Namen zorgden er echter voor dat we meer dan anderhalf uur in file stonden. Ook de Brusselse ring had een file voor ons in petto. Het kwam het humeur van de inzittenden niet ten goede. En zo kon ik weinig denken aan de mogelijke kampioenwedstrijd van ‘mijn’ Club Brugge.

Om 17 uur waren we thuis. Ik belde even naar de mama voor moederdag en beloofde dinsdag eens langs te gaan. Want dan is ze jarig. De grote kinderen waren bij hun mama, de kleinste lag dan eindelijk wat te slapen en wij deden den opkuis. TV werd aangezet maar diende het eerste uur vooral als behang. Om 18 uur ging ik dan toch in de zetel zitten en zag Standard sterk aan de wedstrijd beginnen. Al snel dacht ik, vrijwel zonder zenuwen, och vandaag redden we het niet maar het deert mij niet. Het stond al snel 1-0. Standard verloor evenwel wat van zijn sterk begin en Club nam gaandeweg over. Toen ik Wesley een bal diep zag steken op Vormer dacht ik dat het een verloren bal was. Vormer tackelde evenwel op de bal, beroerde die – naar ik zag toch even met de arm – mocht doorgaan, gaf voor en Vossen krulde de bal mooi binnen. Normaal zou ik nu uit de zetel springen en luidop Yes roepen. Ik bleef vrijwel stoïcijns zitten. Het spel viel stil, de VAR kwam er aan te pas. Ik voelde mijn hartslag toch even de hoogte in gaan toen de scheidsrechter naar het scherm ging kijken. Het beeld van een twijfelende Vossen zal mij altijd bij blijven. ‘Wat is dit hier’, zag ik Jelle denken. En ik was er van overtuigd dat ook hij gezien had dat Ruud de bal even met zijn arm kon meenemen. ‘Ze gaan dit afkeuren ofwa?’ Maar de scheids wees na even dan toch naar de middenstip en keurde zo het doelpunt goed. Vormer zweepte de aanhang dan toch op en enige vreugde ging door mij heen. Maar ik sprong niet op. De beleving van de goal was maar zo zo.

Tijdens de rust keek ik snel eens op twitter. De ene kon het niet aan van de spanning terwijl de andere zei dat de VAR Club aan de titel zou helpen. Kleuren hoef ik hier niet bij te vermelden neem ik aan. Ik bleek ook getagd te zijn in een Paars bericht op facebook en verwijderde die tag al snel. De rest van de familie had ondertussen plaats genomen aan tafel om frietjes te eten. Ik diende mij even om te draaien om de puberende zoon toch enigszins op zijn plaats te zetten. En de wedstrijd, die onderging ik dus maar. Ik weet niet of alles goed binnen kwam. Tot de laatste drie minuten van de reguliere speeltijd. De dochter kwam bij mij zitten en samen keken we verder. We zagen hoe Standard de bal niet terug gaf nadat Vanaken die buiten trapte omdat een Standard speler ogenschijnlijk met heel veel pijn op het plein lag. Zo zaten we al snel in minuut 92 vooraleer verder gespeeld werd en de 4de scheids het bordje met de toegevoegde tijd opstak ‘+3 minuten’. Normaal is dat dan tot minuut 93 maar gezien het bordje pas in de 92te minuut werd opgestoken was dat dan tot minuut 95 dat er gespeeld diende te worden. Spanning alom. ‘Wat een vervelende ploeg is dat toch, die van Standard’ zei de dochter. ‘Ja hé’, zei ik,  ‘dat zijn ze altijd.’ Dit keer hoorde ik mijzelf zenuwachtig klinken. Mijn hart sloeg in mijn keel. Iets was de dochter niet ontgaan was. Ook zij zat nu in volle spanning te kijken. Zo wil ik alle wedstrijden beleven dacht ik. Samen. Wesley kon de bal nog eens vooraan krijgen en zo Dennis de 1-2 aanbieden. Maar dat gebeurde niet. Standard ging nog eens in de aanval. Het zal toch niet dacht ik. Minuut 95. Einde. Dochter en ik samen eens een ‘Yeeees, kampioen!’. De kleinste zat in bad, de oudste zoon stond onder de douche. De vriendin kwam een vijftal minuten na de match terug in de living. ‘En, ist gelukt?’ vroeg ze met blinkende ogen. ‘Ja hoor’, zei ik nogal droog. Ik zag dat ze blij was voor mij. Even had ik zin om mijn sjaal aan te doen en op straat te gaan. Even, als in 2 seconden. Ik stond op en nam de halfwarme frikandel en viandel uit de ‘stromeine’. Ik volgde nog het relaas van de wedstrijd maar dat werd wat overstemt door een ravottende kleine sloeber. En een lichtjes puberende zoon.

Neen, hoewel het spelletje mij nog steeds raakt, ben ik nu niet euforisch ofzo. Ook niet op het werk. Waar de collega’s nauwelijks begaan zijn met het voetbal. Op één collega na. Die wel een Anderlekt fan is, maar dat niet te hard uit. Mede door het feit dat Club de laatste 3 jaar 2 maal kampioen werd denk ik dan. De andere collega’s volgen het een beetje vanop afstand maar het doet hun weinig.

Normaal gezien zou ik nu -tig keren kijken naar beelden van die match. Zou ik alle kranten willen lezen. Zou ik het nieuws op de radio tientallen keren willen horen wanneer gemeld wordt dat Club verdiend kampioen werd. maar hoewel het mij dus nog steeds hard kan raken heb ik steeds meer en meer het gevoel dat ik de liefde voor het voetbal kwijt aan het geraken ben. En daar zijn verschillende reden voor.

 

 

 

 

 

Advertisements

Wat denk je?

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.