Wat moet men nog geloven.

Voor mij schreef Darya Safai alweer een column waar ik stil bij val. Ik begin dan te denken hoe het zo kan zijn. Eerder postte ik eens een column van haar, hieronder volgt er terug één die kan tellen. Hoe hard velen van de volgelingen het ook afstrijden het merendeel is een rotte plek in deze massa.

Net als ik bij het hele gebeuren rond de #MeToo niet bijkan, kan ik alles wat betreft de indoctrinatie van de islam niet kaderen. En ik heb nochtans grote kaders en kapstokken enzomeer. Eens temeer besef ik hoe belangrijk, wij ouders, zijn in de opvoeding van de kinderen. En dat we heel gelukkig mogen zijn dat er ook scholen zijn die een groot deel voor die opvoeding instaan.

Lees (en huiver een beetje mee).

Islamisten willen uiteindelijk de wereld overheersen

Neem het aan van iemand die ervaring heeft met islamisten, zegt Darya Safai: we kunnen de alarm­signalen over hun brainwashing maar beter ernstig nemen.

Vrouwenrechtenactiviste

Twee islamisten komen onze jongeren in het stadhuis van Genk vertellen hoe ze een goede moslim moeten zijn, ‘van de wieg tot het graf’ (DS 21 november). Mij verbaast dat niet. Ik ken hun methodes van vroeger, in de Islamitische Republiek Iran. En ik weet dat in de koranlessen overal in het land aan dezelfde soort brainwashing wordt gedaan.

De manier waarop de bezoekers plaatsnemen in de zaal, zegt al veel. Mannen vooraan, vrouwen achteraan. Die apartheid zit ingebakken in de islam. Wie zich er niet naar schikt, is een slechte moslim.

Met de kledingregels van de islam bent u intussen vertrouwd. Een goede moslima moet altijd een hoofddoek dragen, en dat is nog het minste. Opdat ze toch zeker niet de lust van de man zou opwekken, wordt ook met klem aangeraden, zeg maar opgelegd, om het hele lichaam te bedekken met lange, losse kledij. Een van de meisjes in de Nieuwsuur-reportage over de lezing in Genk voelt zich schuldig omdat ze een jeans draagt. Ze wil zich zo snel mogelijk onderwerpen aan de filosofie die achter de kledingcode schuilt. Het gaat nochtans om een drastische inperking van de individuele vrijheid die sommigen jammer genoeg blijven verdedigen als een vrije keuze.

Cassettes vernietigd

De indoctrinatie is al veel langer aan de gang: in koranlessen en lezingen, in de moskee, op sociale media, zelfs in onze scholen

Dat de islamisten ook muziek als verwerpelijk beschouwen, komt voor velen misschien als een verrassing. Ik ken het verbod op muziek maar al te goed. In Iran werd ons geleerd dat we vooral ‘zedig’ moeten blijven, met het oog op ons leven in het hiernamaals. Dat is in tegenspraak met muziek en vrolijkheid. We mochten alleen luisteren naar melancholische korangezangen die ons deden wenen.

Als we door de zedenpolitie betrapt werden terwijl we naar muziek luisterden, in de auto of zelfs thuis, kon dat zware gevolgen hebben. Auto’s werden in beslag genomen, cassettes vernietigd. Muziek en dansen werden en worden beschouwd als een aanval van het Westen op de islamitische waarden – vrouwen zonder hijab ook.

U denkt nu misschien: ja, maar dat is Iran. Het spijt me, maar het islamisme is niet meer uitsluitend het probleem van islamitische landen. Het leeft tussen ons, zoals in Genk nog maar eens is aangetoond. Het verbaast mij dat sommige mensen de alarmsignalen nog altijd niet ernstig nemen. In koranlessen en lezingen, in de moskee en op sociale media, is de indoctrinatie al veel langer aan de gang. Zelfs in onze eigen scholen.

Ik kan het niet genoeg herhalen: het islamisme is strijdig met onze waarden van gelijkheid, vrijheid en secularisme. De islamisten willen uiteindelijk de wereld overheersen, zoals hen beloofd wordt in hun religie.

Een varken in het hiernamaals

Het gemakkelijkste doelwit van hun ­indoctrinatie is de jonge generatie, de toekomst van ons land. In de koranlessen voor kinderen circuleert een bekend Franstalig Youtube-filmpje waarin gezegd wordt dat mensen die naar muziek luisteren in het hiernamaals een varken worden. Dat vinden die kinderen natuurlijk verschrikkelijk.

Ook de ouders gunnen hun kinderen niet altijd een kritische blik op de misda­dige intenties van de islamisten. Nog maar aan kritiek dénken is al taboe. Zoals ons op school werd geleerd: wie durft na te denken over het bestaan van god, is een kafir (ketter) en gaat naar hel. Kunt u zich voorstellen wat voor een stress dat geeft in zo’n kinderhoofdje? Onder het mom van vrijheid van godsdienst leren ook islamisten in dit land onze kinderen om afstand te nemen van deze samenleving, om ze te verafschuwen zelfs en uiteindelijk aan het wankelen te brengen. Werk niet waar je niet op tijd kan bidden. Werk niet waar je geen hoofddoek mag dragen. Luister niet naar muziek. Die beperkingen van de sociale vrijheid werken de segregatie in de hand. En ze zijn nog maar het begin.

We moeten onze kinderen weerbaar ­maken, ook en zeker kinderen uit islamitische gezinnen. Hen leren om kritisch  te kijken naar hun religie en om zelf uit te maken welke religieuze principes tegenstrijdig zijn met de Universele Rechten van de Mens. We moeten wijsheid verspreiden en de opvoeding van ons nageslacht zelf in handen nemen. Tegelijkertijd moeten we onze democratie weerbaar maken tegen alles wat haar bedreigt. We mogen nooit toelaten dat islamisten de instrumenten van de democratie gebruiken om haar te ondermijnen.

 

Darya Safai

[Stof tot nadenken]

Tussen alle spuitwerken (afspuiten geven, oprit),  aanlegwerken (plaatsen van boordstenen, worteldoek en dolomiet)  en bereidingswerken (marineren van ribben, klaarmaken van verse gyros en fricandon) had ik dit weekend toch even de tijd gevonden om de krant te lezen. Zoals altijd doorblader ik de krant en lees ik de koppen. Daarna ga ik nog eens door Het Nieuwsblad en lees de artikelen en interviews die mijn interesse trokken tijdens het doorbladeren.

Zo was er een artikel over sexting maar het interview dat bleef hangen en er nu nog steeds hangt is dat met de Iraanse tandarts Darya Safai.

Belgisch-Iraanse vrouwenactiviste Darya Safai wil ons wakker schudden voor het te laat is: “Het islamisme is onze samenleving aan het aanvallen en dat gevaar wordt onderschat”

Met elke nieuwe aanslag – of het nu in Manchester, Londen of ­Teheran is – lijken we minder dooreengeschud. Steeds sneller gaan we weer over tot de orde van de dag. De Belgisch-Iraanse ­vrouwenactiviste Darya Safai (42), een markante stem in het islam­debat, wil ons wakker schudden. “Ongelooflijk dat sommigen nog ­altijd zeggen dat de aanslagen niets met de islam te maken hebben.” Het sharia-gevaar is volgens haar veel dichter dan we denken. En ­erger: we onderschatten het.

“Iran was vol kleur, was rijk. We hadden vrouwelijke ministers, vrouwen konden alles studeren. Nu is alles zwart, zelfs op de foto’s.” De woede is voelbaar bij Darya Safai, haar ogen spuwen vuur.

“Iran is een schoonheid, vernietigd door de islamisten en de shariawetten. Alles veranderde na de revolutie van ‘79, en dan vooral voor de vrouwen. Ik was zes jaar oud en moest plots met een lange broek, een lange donkere mantel en een hoofddoek naar school. Ik mocht niet luidop lachen, ik mocht geen kleuren dragen, ik mocht niet naar het stadion en ik ging naar de hel als ik mijn haar liet zien aan een man. Pure indoctrinatie.”

Safai, een tandarts, vluchtte zeventien jaar geleden naar België. En ook al mag ze Iran niet meer binnen, ze blijft strijden voor de vrouwenrechten in haar land. Telkens wanneer de Iraanse nationale voetbal- of volleybalploeg op verplaatsing speelt, koopt ze een stoeltje in het zicht van de camera en toont ze haar banner met “Let Iranian ­women enter their stadiums”.
Belgisch-Iraanse vrouwenactiviste Darya Safai wil ons wakker schudden voor het te laat is: “Het islamisme is onze samenleving aan het aanvallen en dat gevaar wordt onderschat”

Nu moet ze tot haar grote verbijstering ook in haar nieuwe thuisland voor vrouwenrechten strijden. “Sommigen zeggen dat de terroristische aanslagen niets met de islam te maken hebben. Dat ze niet weten waarom die mensen geradicaliseerd zijn. Dat is ongelooflijk. Het islamisme, de politieke islam gebaseerd op de sharia, is een verwerpelijke ideologie. Net zoals het nazisme en het stalinisme, en het is onze samenleving aan het aanvallen. Ik voel het gevaar. We moeten in actie schieten. Nú.”

“Jullie zouden gerust banger mogen zijn voor de opmars van het islamisme”, waarschuwde je al. Dat kwam stevig aan.

“Kijk naar Iran, dat is de spiegel van wat het islamisme met een land en met de mensen kan doen. Ik heb schrik omdat ik wéét wat er kan gebeuren. Daar wil ik de mensen voor waarschuwen.”

In Iran is de sharia ingevoerd, dat gaat hier natuurlijk nooit gebeuren.

“Zeg alstublieft niet te snel: wij zijn op onze hoede, bij ons zal het niet gebeuren. Ook in België worden vrouwen nu al onderdrukt. Maar natuurlijk hoor je ze niet. Waar zijn ze? Thuis tussen vier muren. Waarom? Omdat ze volgens hun ideologie beschermd moeten worden tegen de wellustige blikken van andere mannen. Ook bij ons mogen sommige meisjes niet gaan werken, zelfs niet mét een hoofddoek. En natuurlijk hoor je ze niet. Ze hebben geen stem. Soms spreken ze zelfs geen Nederlands en kunnen ze zich niet uitdrukken, laat staan op tv verschijnen. Ze durven zich niet te uiten, ze worden gecontroleerd. En de sociale druk van ­bepaalde gemeenschappen houdt dat in stand.”

De boodschap: pas op voor de mannen met lange baarden en djellaba?

“Niet elke moslim is een potentiële islamist. Diversiteit is mooi, ik kan zelf ook nog altijd serieus genieten van het Iraanse eten, de muziek en onze oudste en mooiste traditionele feesten. Maar als een cultuur of geloof vrouwen discrimineert of onderdrukt, dan is dat onaanvaardbaar. Dat vloekt met onze universele waarden.”

“Sommigen zien niet wat er aan het gebeuren is. Ze zijn er zelfs trots op dat Nike sporthoofddoeken lanceert. Ik weet niet of we wel beseffen hoe ver de grens al opgeschoven is.”

Hallo, aarde aan de Belgische feministen?

“Zo negatief moet je het ook niet zien. Maar het stoort mij dat sommige westerse feministen en progressieven het dragen van een boerkini verdedigen zonder de filosofie erachter te bekritiseren. Eén: het is niet wat die vrouwen willen, het is wat ze moeten van hun geloof. En twee: het is discriminerend. Je hebt toch ook geen respect voor een cultuur waar slavernij nog bestaat? Dat relativeren is zó verkeerd en zó verwerpelijk.”

“Vroeger vochten feministen tegen de dogma’s van de Kerk, maar wie vandaag hetzelfde wil doen ten opzichte van de islam wordt soms beschouwd als islamofoob en wordt het zwijgen opgelegd. Dan vraag ik mij af: waar is het fout gelopen?”

Een groot verschil: sommige vrouwen dragen de hoofddoek natuurlijk uit vrije wil.

(stellig) “Niemand wordt ­geboren met het idee dat je je hoofdhaar wil bedekken. Het wordt ingebouwd door de ­ideologie, dat is indoctrinatie. Het is geen keuze, het is een religieuze plicht.”

En toch: er zijn genoeg voorbeelden van vrouwen die er na jaren zonder hoofddoek bewust zélf voor kiezen er toch een te dragen.

(maakt zich kwaad) “Ik begrijp dat niet. Ze doen wat hun religie hen voorschrijft en wat God hen gevraagd heeft, maar ik vind het een heel gevaarlijke en jammerlijke zaak. Soms zien ze het als een daad van verzet, maar waarom moet iemand zich tegen zijn eigen landgenoten verzetten? Is dat een goed teken? Nee. Of ze zeggen dat ze identiteit zoeken. Heel jammer als je identiteit zoekt in een symbool van de ongelijkheid. Het is zelfs egoïstisch. Miljoenen vrouwen, ook Belgische landgenoten, hopen net dat je voor hen opkomt. Als je de hoofddoek banaliseert, laat je hen in de steek.”
Belgisch-Iraanse vrouwenactiviste Darya Safai wil ons wakker schudden voor het te laat is: “Het islamisme is onze samenleving aan het aanvallen en dat gevaar wordt onderschat”

Het zijn nochtans vaak de meest geëmancipeerde vrouwen mét een stevige mening.

“Natuurlijk zijn er ook geëmancipeerde vrouwen met een hoofddoek. Ze beweren dat ze gelijk zijn aan mannen, maar ze zijn wel vergeten dat ze dat kunnen zeggen dankzij de universele normen en waarden, zoals de gelijkheid van man en vrouw. Díe hebben ons zo ver gebracht. Niet de sharia of een godsdienst die niet in gelijkheid gelooft.”

Het schaadt ons toch niet als ­iemand per se een hoofddoek wil dragen. Leven en laten ­leven?

“Zeg nooit: who cares? Het is haar probleem, haar cultuur. Nee, die ideologie plant zich voort in onze samenleving. Als wij daaraan meehelpen, zijn we ook schuldig. De filosofie achter de hoofddoek maakt van vrouwen het tweederangsgeslacht. In mijn tandartspraktijk zie ik meer en meer heel jonge, kinderen – soms jonger dan 6 – die een hoofddoek dragen. Is dat ­keuzevrijheid? Wie komt er op voor die kinderen?”

Een algemeen hoofddoekenverbod dan maar?

“Nee, een algemeen verbod kan geen oplossing zijn, ook al vind ik dat je op school en in een publieke overheidsfunctie de neutraliteit moet behouden. We moeten ons maatschappelijk debat levend houden, en vooral aan onze kinderen op school duidelijk maken dat gelijkheid tussen mannen en vrouwen een van de belangrijkste waarden is van onze samenleving.”

Dat gebeurt nu niet?

“Ik heb veel islamleraren op onze scholen bezig gehoord. Het is gewoon onaanvaardbaar en gevaarlijk wat er aan de gang is. Ze leren letterlijk aan de kinderen dat een hoofddoek respectabel en wenselijk is. Dan denken de moslimjongeren meteen dat een vrouw zonder hoofddoek níet respectabel is.”

“In plaats van hen te laten indoctrineren door islamleraren en imams moeten we de kinderen van jongs af aan duidelijk maken: vrouwen moeten níets doen dat mannen niet moeten doen.”

Respect voor een hoofddoek betekent toch niet dat je andere vrouwen uitspuwt?

“Ik ga vaak in discussie op de scholen. In Antwerpen zei een jongen expliciet dat hij nooit zou trouwen met een vrouw zonder hoofddoek. Heel veel jongens klapten meteen in hun handen en gaven hem gelijk. ‘Een vrouw is het schoonste ding op aarde, dus moet ze een hoofddoek hebben, zodat andere mannen niet naar haar kijken’, zeiden ze. De lerares kwam toen zelf tussen: ‘Voor ons zijn mannen ook mooi, moeten zij zich dan ook bedekken?’ Dan vallen ze even stil.”

“Een andere lerares zei dat ze al sinds haar twaalfde verplicht een hoofddoek moest dragen. Twee jaar geleden had ze hem afgezet en zei haar vader meteen: ‘Je bent mijn dochter niet meer’. Ze had nog altijd tranen in haar ogen. Dat bedoel ik met sociale druk en ik zie het dagelijks gebeuren.”

Heb je zelf nog veel vrienden in de moslimgemeenschap?

“Veel, heel veel. Ik voel ook veel appreciatie en ik trek mij daaraan op. Wat ik zeg, komt ook uit de moslimgemeenschap. Niet elke moslim draagt een hoofddoek of drinkt geen alcohol. Er zijn veel moslims van wie niet eens geweten is dat ze moslim zijn. Ze voelen ook niet de behoefte om dat te zeggen. En ja, ik heb ook nog altijd vriendinnen met een hoofddoek. Een van hen zegt mij ook letterlijk dat haar man het anders niet kan accepteren. Maar ik blijf ook met hen in debat gaan.”

De politiek trekt intussen aan je mouw: Open VLD-voorzitter Gwendolyn Rutten is een grote fan en N-VA zette jou al in de bloemetjes.

“Ik ben blij dat zij die boodschap belangrijk vinden en ik hoop vooral dat ik nog heel veel andere politici kan aanspreken en dat het niet bij Open VLD en N-VA blijft. We zitten in een moeilijke periode in onze geschiedenis, maar ik geloof wel dat we er trots kunnen uitkomen. Als we tenminste durven te debatteren en kritisch te zijn. Dan komt het wel goed.”